Voorwoord

Onze columnisten zijn Robert Braskamp en Ardi Pierik. Zij schrijven op persoonlijke titel periodiek en in aanloop naar events columns!



november 2019

Column: Een stem van bloed

Door: Robert Braskamp


Woensdag 9 oktober. Jom Kipoer, de Verzoendag, de meest heilige dag van het Joodse jaar. In het Duitse Halle wordt een aanslag gepleegd op een synagoge. Spontaan wordt de bewaking van synagoges wereldwijd opgeschroefd. Ondertussen wordt er binnen intensief gebeden. ‘’Onze Vader, onze Koning, vernietig de plannen van hen die ons haten (…) verijdel de plannen van onze vijanden’’.

Ondertussen staat de wereld op de drempel van een massaslachting. De Amerikaanse president Trump trekt zijn troepen terug uit Syrië, wetend dat zijn Turkse collega Erdogan zijn soldaten langs de grens heeft staan. Maar wat Trump betreft zijn de Koerden vogelvrij. In Normandië hebben ze ons ook niet geholpen, zo redeneert hij. Wederom worden de Koerden in de steek gelaten. Ook voor hen klinkt het gebed in de synagoge zo leeg ‘’Onze Vader, onze Koning, bevrijd ons van elke onderdrukker en tegenstander’’.

Toen enkele jaren geleden IS de Koerden bedreigde, weigerde Turkije elke vorm van hulp. ‘’Ingrijpen in een ander land [is] een nogal zware maatregel’’, zo klonk het vanuit de Turkse regering. Maar nu de slachtoffers niet voor een terroristisch kalifaat vechten maar voor een volk dat al meer dan honderd jaar (ijdel) droomt van veiligheid en bescherming van eigen huis en haard, is zo’n ingreep ineens geen probleem meer. Het zal de aandacht goed afleiden van de problemen die Erdogan in eigen land heeft. Ten koste van de Koerden, wiens milities de naam ‘Peshmerga’ dragen, ‘zij die oog in oog staan met de dood’. Erdogan maakt dit meer waar dan ooit, onder het gedogende oog van Trump. Bovendien zijn vluchtelingen wat hem betreft wisselgeld. Als de EU zijn aanvallen blijft veroordelen, zal hij ze allemaal naar Europa sturen, zo dreigt hij. Het gebed in de synagoge gaat verder: ‘’Onze Vader, onze Koning, verwijder pestilentie, zwaard, honger, gevangenschap, verwoesting, onrechtvaardigheid en geloofsvervolging van de leden van Uw verbond’’.

Het bloed vloeit rijkelijk in de wereld. Is dit het ware gezicht van de vrije, verlichte wereld? Het gezicht van (Joden)haat, egocentrisme en onbetrouwbaarheid? Is het leven dan niet meer heilig, en is de mens geen kind van God meer? Nee, de mens is zijn eigen god. Maar deze god is geen goede god. Het is een god van dood en destructie. En in de synagoges stijgt het gebed op: ‘’Onze Vader, onze Koning, wij hebben tegen U gezondigd (…) wij hebben geen koning behalve U!’’.

En Nederland? En wijzelf? Hoe heilig is het leven nog voor ons? Ja, ook in ons land is het leven een relatief begrip geworden. Het verlichte beheersingsdenken meent dat zijn goddelijke instemming over alles gaat, ook over het leven. Het leven mag pas beginnen, als het vruchtje door ons ‘gewenst’ is. Het mag geheel vrijblijvend worden ‘weggehaald’ (dat is een codewoord voor: gedood), maar als het buiten onze wil om sterft, is het ineens een levend kind met het recht op een naam. Als het leven ‘voltooid’ is (dat is een codewoord voor: nutteloos, in economische zin), moet het kunnen worden beëindigd, want zorg voor elkaar is te veel gevraagd van onze narcistische zielen. En de invulling van het leven, ook daarover gaan we volledig zelf. Ik doe wel wat ik leuk vind. Met alle consequenties van dien voor het milieu, de grond, planten, dieren en medemensen. Maar wat scheelt het. We zijn toch vrije mensen?

De stem van al dat bloed schreeuwt tot de hemel (Gen. 4:10). Wat hebben we een behoefte aan genade, vergeving, vrede. Aan mensen die niet hongeren naar eigen eer, maar dankbaar zijn naar God en dienstbaar aan de medemens. Wat hebben we als mensheid dan dat gebed in die synagoge nodig: ‘’Onze Vader, onze Koning, vergeef en scheld kwijt al onze ongerechtigheden (…) bedek en verwijder onze overtredingen e zonden van voor Uw ogen. (…) Onze Vader, onze Koning, breng ons terug, in hartgrondig berouw voor U’’.

Er is nog meer bloed dat roept. Dat bloed roept echter niet om wraak, maar om verlossing en verzoening. God heeft ‘’vrede gemaakt (…) door het bloed Zijns (dat is, Jezus) kruises’’, schrijft Paulus (Kol. 1:20). God draait alles om. Bloed dat riep om wraak, wordt bloed dat roept om vrede… Is dat niet het bloed waar we zo’n behoefte aan hebben? Is het niet onze taak om te midden van al het bloedvergieten, te spreken over Zijn vergoten bloed? ‘’Zalig wie vrede stichten’’, sprak Jezus. Laat die oproep ook ons en onze leiders, in de crises van onze tijd, bereiken: zoek niet naar geweld of eigen gelijk, maar naar de vrede.



juli 2019

Column: Stappen terug in de tijd

Door: Robert Braskamp


‘’Dit zijn stappen terug in de tijd’’, zei de onvolprezen onderwijsminister Van Engelshoven (tevens belast met de portefeuille emancipatie) over de Nashvilleverklaring, die begin dit jaar werd gepubliceerd. Volgens haar waren de standpunten die erin verwoord werden achterhaald, en passen ze niet meer bij deze tijd. En daarin stond ze niet alleen.

Het is nu niet mijn bedoeling de verklaring te bespreken, noch in positieve noch in negatieve zin. Nee, liever vestig ik de aandacht even op dat zinnetje dat minister Van Engelshoven eraan wijdde: dit zijn stappen terug in de tijd.

En kennelijk is dat een probleem. Waarom weet niemand, maar het argument wordt vaak gebruikt. ‘Het is niet meer van deze tijd’. Niet van deze tijd is ouderwets en (kennelijk) dus slecht. Een interessante gedachte.

Want stel dat we nu echt eens wat stappen terug in de tijd nemen? Neem als uitgangspunt bijvoorbeeld het klimaat. Volgens wetenschappers en politici warmt onze aarde op, en dat is een groot probleem. De uitstoot van broeikasgassen verminderen blijkt echter nog niet zo makkelijk, net zo min als het overstappen op
meer duurzame energiebronnen. Dit komt, onder andere, omdat wij in het Westen met name zo veel energie verbruiken, dat we al die tonnen gas en olie nodig hebben, waarmee we het milieu zwaar vervuilen. Vroeger was dat natuurlijk geen probleem. Als milieubeweging zou ik dus zeker wel iets positiefs zien in het concept ‘stappen terug in de tijd’.

Een ander woord liet ik al vallen: duurzaamheid. Duurzame producten zijn beter voor het milieu, want er ontstaat minder afval en er hoeft minder geproduceerd te worden, wat weer leidt tot minder uitstoot. In dat kader is het ironisch dat moderne mobiele
telefoons, maar ook wasmachines, fietsen en lampen, minder lang meegaan dan de exemplaren van vroeger. Het blijkt zelfs dat fabrikanten bewust ervoor zorgen dat producten na een aantal jaar vervangen moeten worden, want anders wordt er niet genoeg verkocht en gaat het bedrijf failliet. Waar oude wasmachines soms decennialang meegingen, gaan moderne na een jaar of tien vaak al kapot. En waar een gloeilamp theoretisch gezien zo geproduceerd kan worden dat hij wel meer dan honderd jaar kan branden (en bovendien warmte uitstoot, wat er weer voor zorgt dat de kachel omlaag kan), beschadigen moderne spaarlampen het energienet enorm; bovendien moeten ze met regelmaat vervangen worden. Meer productie, meer uitstoot. Lekker duurzaam weer.

En dan is er nog de techniek. Machines nemen meer en meer over van mensen. Inmiddels kan er technisch zo veel, dat we in staat zijn de hele mensheid op aarde te vernietigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de atoombom, oorlogsvliegtuigen en automatische geweren waarmee terroristen hun aanslagen plegen. Of denk aan het internet, waarvan de mogelijkheden ook door criminelen uitgebreid benut worden. Nemen we even een paar ‘stappen terug in de tijd’, dan moeten we concluderen dat deze gevaren en bedreigingen volledig bij deze tijd horen. Is onze tijd dan beter dan de vorige? Dat is dan nog maar de vraag natuurlijk!

De conclusie moet dan ook niet zijn dat de ene tijd beter is dan de andere. Vroeger was niet alles beter, maar ook nu is niet alles beter dan vroeger. Prediker waarschuwt ons tegen dat soort denken (zie Prediker 7:10). De conclusie moet dan ook als volgt zijn: we moeten in deze tijd doen wat het beste is om te doen. Soms betekent dat, dat we oude gewoontes en oplossingen moeten verlaten, om nieuwe wegen te zoeken. Maar soms betekent dat ook, dat we ‘stappen terug in de tijd’ moeten doen.

Het argument ‘niet meer van deze tijd’ moeten we dus altijd afwijzen. Wat van deze tijd is, bepalen wij, die in deze tijd leven. En misschien zijn ‘stappen terug in de tijd’ dan ook wel helemaal ‘van deze tijd’. Oude ideeën opnieuw gebruiken; als dat niet duurzaam is!